Hoofdmenu


Zoek


Contact

NL

Niet het rendement, maar het beleggingsdoel moet leidend zijn

beleggingsdoel moet leidend zijn

De gemiddelde particuliere belegger maakt minder rendement dan de index, zo blijkt de laatste jaren steeds uit onderzoek. Het zou beter zijn als ze gewoon bij de index zouden blijven en verder niets zouden doen. Ook de reden voor die ondermaatse beleggingsresultaten is onderzocht. Particuliere beleggers zijn over het algemeen te veel gefocust op de korte termijn en nemen te vaak tussentijdse beslissingen. Het continu switchen van en hoppen tussen fondsen blijkt een negatief effect te hebben op het rendement. Deze beleggers zouden het advies moeten krijgen om eerst hun doel te formuleren. Dan gaan ze vanzelf ook fundamenteler nadenken over de weg naar dat doel toe.

De ‘gewone’ belegger krijgt constant signalen over fondsen. Niet alleen op feestjes of in de krant; op BNR Nieuwsradio komt de beursstand zelfs elk uur voorbij. Als zulke beleggers horen dat een bepaald fonds goed presteert zijn ze geneigd snel in te stappen, in de hoop op een hoog rendement. Maar ze moeten zich juist afvragen waaróm ze beleggen: voor hun pensioen, voor een boot, voor hun kinderen die gaan studeren of om geld over te dragen aan de volgende generatie? Hun moet worden uitgelegd dat beleggen een middel is. Adviseurs van vermogensbeheerders kunnen daar een grote rol in spelen.

Behavior gap

Het gemis aan rendement – het verschil tussen wat de klant had kunnen maken en wat hij of zij in werkelijkheid maakt – noemen we ook wel The Behavior Gap (naar Carl Richards, zie ook www.behaviorgap.com). Dat verschil in gedrag is misschien ook wel het verschil tussen een rendementsdenker en een doeldenker. Om gericht te zijn op doelen in plaats van op rendement is vaak een mindshift nodig, en adviseurs kunnen helpen om die te bewerkstelligen. Het begint met het leggen van een fundament, en vervolgens zet je de koers uit. Er moet eerst in kaart gebracht worden wat de klant heeft en wat de klant wil. Dat biedt meer rust en inzicht, zodat de klant uiteindelijk ook betere beleggingskeuzes maakt. Een dergelijke aanpak levert in de praktijk dus geld op. Maar als niemand aan de bel trekt bij de particuliere beleggers blijven zij tussentijdse beslissingen nemen die gestoeld zijn op emoties, en die zoals gezegd over het algemeen ongunstiger uitpakken. Wie beseft dat elke keuze het beleggingsdoel moet dienen gaat anders nadenken over beleggingskeuzes, en verandert niet steeds van fonds. Zo’n belegger gaat op zoek naar een portefeuille, misschien een indexfonds, of een modelportefeuille. Dat brengt het uiteindelijke doel dichterbij.